BLOEMLEZING ONELINERS INDO-GEDRAGS-KENMERKEN

Nota bene!!! Deze bewerkte, uitgebreide en reshuffelde bloemlezing is ooit samengesteld en later bijgewerkt en bijgesteld door een gemêleerd gezelschap van mensen met Indo-roots. Het is evident dat deze Bloemlezing in de loop van de tijd, door geïnteresseerden, ook is overgenomen, gebruikt en doorgestuurd. Maar voor het eerst werd de oorspronkelijke Bloemlezing gepubliceerd door Darah Ketiga.    

 Typisch Indo/Indisch-zijn is……..

  1.  Altijd wel een aanwijzing in huis hebben: een schilderij van een sawa, een wajangpop of donker houten meubelstukken of zo.
  2. Niet in een kringetje zitten op verjaardagen, maar met z’n allen in een overvolle keuken gaan staan.
  3. Ringen met grote stenen die open zijn en contact maken met de huid. als ze donker zijn ben je ziek.
  4. Altijd lang nazitten en ngobrollen na het eten. Bij Belanda’s gaan ze in de regel meteen van tafel om af te ruimen.
  5. Een bepaalde trots hebben, als iemand je voor schut zet en niet meteen heel boos worden maar wel een bepaalde sombong (trots) hebben tegen die persoon en hem/haar dan negeren of maandenlang vuil blijven aankijken.
  6. Als je in verlegenheid wordt gebracht, dan zeg je gewoon zoiets als: Neem een vrucht, dat is gezond.
  7. Als iemand je iets aanbiedt, zeg je niet meteen:”ja is goed”, maar eerst van: “nee laat maar of aduh hoef niet.”
  8. Als teken van gastvrijheid, thee met héél veel suiker, volgens de adat, aan je gasten aanbieden.
  9. Nooit een grote mond opzetten als iets je niet bevalt en beheerst en beleefd blijven. Want volgens de Adat ga je ervan uit dat de fout zichzelf zal herstellen of dat degene die buiten zijn boekje ging vanzelf tot besef komt om zijn fout goed te maken.
  10. Kinderen een jèwèr [draai om de oren] of een jèntil [tikje] op de mond geven als zij een grote mond opzetten.
  11. Rijsttafelgerechten netjes naast elkaar opdienen, sambal goreng hier, lontong daar, hapje van dit, hapje van dat.
  12. Beheerst, bescheiden, beleefd, betrouwbaar zijn en bekend staan als harde werkers.
  13. Vaak de lidwoorden en aanwijzend voornaamwoorden niet helemaal juist gebruiken.
  14. Gewoon Nederlands praten met altijd wel een paar Indo-woordjes of krachttermen, gebaren en geluiden erdoorheen.
  15. Zachtjes, maar hard genoeg beledigingetjes uiten, zoals:  Gendeng (getikt), tollol (stom), bodoh (dom) of begok (onnozel).
  16. Al 40 jaar in allerlei Indorock-bandjes spelen en al 40 jaar, hetzelfde jaren zestig, kapsel van de vorige eeuw lijken te hebben.
  17. De mondhoeken naar beneden trekken om het rijst tussen je wangen en kiezen vandaan te krijgen.
  18. Onverwachts bezoek altijd laten aanschuiven aan tafel of mensen ALTIJD eten aanbieden.
  19. Oom en tante zeggen tegen Indo ouderen, ook al zijn deze geen familie van je.
  20. Kayuputih-olie gebruiken als je sakit perut hebt en obat macan voor pijit-pijit.
  21. Ketimun met een vork bewerken, zodat de plakjes een kartelrandje krijgen.
  22. Thee eerst een slokje nemen om de mond te spoelen, en dan pas roeren.
  23. Helemaal in elkaar gedoken met opgetrokken benen onderuit op de bank.
  24. Een appel schillen met de snijrichting van je af in plaats van naar je toe.
  25. Niet met de wijsvinger naar iemand of eten wijzen, maar met de duim.
  26. Als baby een armband om krijgen, zo’n eentje tegen de koorts/stuipen.
  27. Rijst eten, je billen schoonmaken met water en vaak je oma opzoeken.
  28. Gekookte katjang met dop of kwatjie eten- gedroogde meloen pitten.
  29. Drie keer weigeren spelletje doen als je oma geld aan je wil geven.
  30. Tijdens het praten van toonhoogte veranderen of met geluid erbij.
  31. Kopen van high-tech spullen, gadgets, de nieuwste van dit en dat.
  32. Jonkok bij de Hibachi en dan net zo lang kipas tot de sate gaar is.
  33. Mensen niet aanspreken op hun cultuur, want dat is niet netjes.
  34. Bijna altijd op teenslippers lopen. Ook gewoon met sokken aan.
  35. Gehurkt zitten, met platte voet op grond en pantat naar achter.
  36. Haren zwart verven (of ander kleur geven) als ze grijs worden.
  37. De bewegelijkheid van vingers en handen als je iemand roept.
  38. Altijd en overal zingen en ‘t lijkt of iedereen gitaar kan spelen.
  39. Enorme hoeveelheid aan plastic bakjes ala tuperware hebben.
  40. Stoer kijken in de spiegel en dan een beetje je lippen pruilen.
  41. Dingen zelf proberen te fixen met elastiekjes of wat dan ook.
  42. Kaarten om  geld en de kaarten heel hard op tafel gooien.
  43. Niet over je gevoelens praten. Niet zeggen wat je denkt.
  44. Het eten, de gastvrijheid, pasar malam, wajang poppen.
  45. Cheque uitspreken als Tjek, Edah uitspreken als EdaG.
  46. Van je af snijden anders gebeurt er iets met je familie.
  47. Kèrih(kèròh)= lekker rooie strepen op je huid maken.
  48. Altijd de vraag stellen: Ben jij dan soms familie van.
  49. Je lippen samenknijpen over je tanden naar binnen.
  50. Oudere Indo’s met baseball caps en sportschoenen.
  51. Altijd aardig blijven ook al mag je de persoon niet.
  52. Een ander niet kwetsen of op z’n nummer zetten.
  53. Lekker eten en het altijd maar over eten hebben.
  54. Krontjong, country of indo-rock muziek luisteren.
  55. Elkaar bijnamen geven of de naam verbasteren.
  56. In een volle zaal liever ergens achterin blijven.
  57. Gerechten zonder knoflook smakeloos vinden.
  58. Drank niet helemaal tot de bodem opdrinken.
  59. De buren ook altijd een bordje eten brengen.
  60. Oepils (uit je neus) delven en er over praten.
  61. Niet te snel een mening geven over anderen.
  62. Altijd 3x warm (rijst) eten per dag minimaal.
  63. Woorden in een verkeerde klemtoon zeggen.
  64. In jezelf praten, doen heelveel nene’s/oma.
  65. Geen koud eten op verjaardagen serveren.
  66. Luidruchtige en lieve familieleden hebben.
  67. Op je werk nasi uduk met abon sapi eten.
  68. Ook op gevorderde leeftijd nog mooi zijn.
  69. Je beras [dus niet rijst] bij de toko halen.
  70. Gèmès=verkikkert in de wangen knijpen.
  71. Geen melk en zuivelproducten gebruiken.
  72. Hutspot met een vleugje sambal badjak.
  73. Restjes drinken laten staan in elk kopje.
  74. Bescheiden zijn, en niet recht door zee.
  75. Langer laten van je pink en duimnagels.
  76. Vrouwen die “jamu”(kruiden) drinken.
  77. Respectvol zijn vooral tegen ouderen.
  78. Op oudere leeftijd nog heel ijdel zijn.
  79. Het soms opkroppen van gevoelens.
  80. Koffer-koffer in plaats van 2 koffers.
  81. Bijzonder trots zijn op je Indo-roots.
  82. Hidung kepesek = platte neusvorm.
  83. In plaats van “nee” “èh-èh” zeggen.
  84. In plaats van  “ja” “Hè-èh” zeggen.
  85. Knoflook uitspreken als KnokLOOF.
  86. Doekjes draperen veelal van batik.
  87. Helderziende familieleden hebben.
  88. Samen lemper of pangsit maken.
  89. Op blote kakis lopen, ook buiten.
  90. Elkaar “meis” en “jong” noemen.
  91. Ouderen verzorgen in de familie.
  92. Muziek maken op verjaardagen.
  93. Gastvrij en verdraagzaam zijn.
  94. Bijna overal sambal op gooien.
  95. Goud goud goud, goudkoorts.
  96. Boos kijken zonder boos zijn.
  97. De schoenen uitdoen in huis.
  98. De botol cebok gebruiken.
  99. Veels te veel eten maken.
  100. Je oren kunnen bewegen.
  101. Orang Kalang = chaoten.
  102. Koppie toebroek drinken.
  103. Niets voor jezelf opeisen.
  104. Je druk maken om niets.
  105. Praten met de handen.
  106. Erwtensoep met rijst.
  107. Niet krenterig zijn.
  108. Wel kunnen delen.
  109. Wierrook branden.
  110. Met de hand eten.
  111. Congklak spelen.
  112. Altijd jam-karet.
  113. Vingers kraken.
  114. Krettek roken.                                                             (De bovenste sticker is een ontwerp
  115. Opscheppen.                                                                  van Ruud Toorop. De N en de I
  116. Elkaar pijit.                                                                     kunnen staan voor Nieuwe Indo,
  117. Sapoelidi.                                                                        Nederlands Indië of
  118. Indo-zijn.                                                                       Nederland Indonesië! Kies maar)

 And that’s the way it is, to be some-one with Indo-Roots!!!

Salam Halus,

Ruud Toorop

Over resoundeffects

Mijn naam is Gabriele van Doorn, ik woon in Heerlen - Parkstad Z.Limburg. * mijn website is te vinden op: www.klank-kleur.nl/ * en U kunt me vinden op: http://nl.linkedin.com/in/gabrielevandoorn
Dit bericht werd geplaatst in Humor, Ontmoetingen en getagged met , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

9 reacties op BLOEMLEZING ONELINERS INDO-GEDRAGS-KENMERKEN

  1. Pingback: To be Indo «

  2. jo lassay zegt:

    Ik ben zelf een belanda en al 51 jaar getrouwd met een indische man (81 jaar). Ik heb hat hardop gelezen. En we hebben er samen om gelachen. Heel veel klopt namelijk, vooral dat ijdel zijn

  3. Ja, onze soort sterft uit. We worden “verdund” met Hollands bloed en genen.
    Is niets mis mee als we maar niet vergeten wie we zijn en waar we vandaan komen.
    Je kan hoogstens jaloers zijn op onze afkomst en de plaats waar we vandaan komen.
    Multatuli verwoorde het juist: “De gordel van smaragd”. Een gordel van edelstenen.

    Ketua.

  4. ellen hauwert zegt:

    Dit is geweldig leuk gebracht. Ik bewaar m.

  5. Charles Riekerk zegt:

    Heel veel klopt en blijft kloppen. Maar er klopt ook veel niet.

  6. mmm ik ben in Semarang geboren met mijn ouders (ma Javaans)Pa hollander naar holland gekomen maar mijn kinderen hebben toch indo trekjes wel leuk toch!

  7. Pingback: Mama met een Blog, Een Lifestyle-en Mamablog

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s