HOE VRIJ ZIJN WIJ ALS MENS?

Zo begon de dageraad van de mens. Hij was een individu, dat zich alleen bewust was van zijn afkomst, zijn nageslacht, zijn territorium en hoe te overleven tussen zijn geboorte en zijn dood. Hij moest zich handhaven op een bepaald stukje gebied, dat hij tijdelijk of blijvend aantrekkelijk vond,
naarmate hij daarop kon jagen of verbouwen. Zijn enige problemen waren veiligheid, huisvesting, voedsel, kleding, voortplanting, bescherming tegen de kou, wilde dieren of andere belagers. Het enige recht dat hij kende, was het recht van de sterkste. Voor de rest was hij een vrij wezen, zonder verdere
verplichtingen.

In een later stadium ontdekte de mens, dat families in groepen betere overlevingskansen
hadden en zo ontstonden kleine gemeenschappen.

ZO BEGON HET

Van meet af aan was de mens zich bewust van sterke ‘machten’ om hem heen. Gebeurtenissen en omstandigheden waarop hij als mens geen invloed kon uitoefenen, doch die wel zijn leven bepaalden zoals: seizoenen, natuurrampen, zons- en maansverduisteringen, onweer en dergelijke. Hij trachtte deze voor hem angstaanjagende gebeurtenissen te bezweren of een voor hem gunstige afloop af te smeken. Sommige rampen werden als straffen ervaren, maar er kon een zondebok gezocht worden, die dan ofwel bestraft moest worden, dan wel geofferd.

Zo werd de kiem gelegd voor een vorm van geloofsbeleving, de natuurreligie, de eerste mystieke beleving van iets, dat machtiger was dan de mens en buiten hem om van alles liet gebeuren in een wereld, die hij niet in zijn totaliteit kon overzien en voor hem net zo goed onbegrensd kon zijn.

Met het ontstaan van de allereerste gemeenschappen kwam ook het besef, dat er een leider of aanvoerder moest zijn. Dat er machtsverhoudingen waren en dat de macht van de leider berustte op de loyaliteit van de hem toegedane krijgers. Krijgers waren immers onontbeerlijk voor veiligheid en bescherming van zo’n gemeenschap.

Er kwamen eenvoudige taakverdelingen en er kwam toezicht op het reilen en zeilen binnen de groep. Zo ontstond dus ook de noodzaak, dat er op orde en naleving van de gestelde regels werd toe gezien, gevolgd door een eventueel ingrijpen van de leider bij conflicten.

Het individu leverde een stuk vrijheid in voor veiligheid en het profiteren van vaardigheden, die hij kon uitwisselen met anderen. Hetzij als jager, als visser, als landbouwer of maker van eenvoudige wapens of kleding. Hij onderwierp zich vrijwillig aan een aantal beperkingen voor een leven in een gemeenschap.

Ook ontstaat -naast de macht van de leider en zijn krijgers -de macht van de medicijnman of -vrouw, de sjamaan, de priester(es) of degene, die op één of andere wijze de ‘wil’ van de Goden kon vertalen. Hier ontstaan ook de mogelijkheden de minder aangename kant van
de mens te leren kennen: door het naar zich toetrekken van macht, overwicht op anderen, het verwerven van aanzien en rijkdom.

Tot in de Middeleeuwen bestonden er nauwelijks hechte gemeenschappen die zich over grote grondgebieden uitstrekten. Het Recht bestond bij de gratie van overlevering en tradities. Van rechtsvorming of wetgeving was geen sprake. Je had wereldlijke en geestelijke heersers. Weliswaar stonden de meeste van hen in een leenverhouding tot een vorst, doch in principe kon iedere (lagere) heerser voor het grootste deel zelf bepalen wat wel of niet toegestaan was.

Mensen, zelfs hele families konden iemands eigendom zijn –de z.g. lijfeigenen– en macht is dan een uit de hand gelopen zaak. Dit FEODALE stelsel houdt stand tot de vijftiende eeuw en feitelijk tot het ogenblik, dat de kerkelijke eenheidscultuur uiteenvalt en er andere verbanden in de samenleving ontstaan, zoals verschillende kerken, gilden, onafhankelijke steden -door verwerving van stadsrechten-, kleine staatjes, universiteiten, verschillende scholen enz.

Er komt meer kennis onder het gewone volk en er worden discussies op gang gebracht door ‘verlichte’ geesten en filosofen. Je zou kunnen stellen, dat in vooral de achttiende eeuw een bewustwordingsproces op gang komt onder invloed van een beweging die men nu nog betitelt als de Verlichting of deRenaissance.

Met name in de Natuurrechtschool wordt al in de zeventiende eeuw gebrainstormd over rechten die de mens van nature toekomen en vrijheidsrechten voor alle burgers.

Natuurrecht  is tot vandaag de dag de verzamelnaam voor een aantal zeer uiteenlopende concepties, die  dit allemaal gemeen hebben, dat zij boven de door –onverschillig welke- overheid opgelegd en onvolmaakt recht, het recht stellen dat zijn geldigheid ontleent aan de natuur zelf.

De Engelse filosoof John Locke stelde, dat de taak van de overheid zich dient te beperken tot het beschermen van leven, vrijheid en eigendom van de burgers. Daarnaast behoort de
overheid de krachtens het natuurrecht geldende regels duidelijk te preciseren en op hand-having daarvan toe te zien.

John Locke  publiceerde in 1690 zijn  ‘Two Treatises of Government’ (Twee
verhandelingen over het staatsbestuur). Hij beschrijft daarin, dat de mens in een natuurstaat in een toestand van absolute handelingsvrijheid leefde en zelf kon bepalen wat hem goed dunkte  binnen de grenzen van de redelijkheid. Daartegenover stond, dat ieder individu zelf voor de handhaving van de eigen gestelde regels moest zorgen.

Sluit hij zich nu aan bij een staatsgemeenschap of politieke gemeenschap, dan gebeurt dit door het sluiten van een sociaal contract. De mens geeft dan vrijwillig het recht op om zelf de regels van het natuurrecht te handhaven en laat het aan de overheid over om zijn grondrechten te beschermen.

Hoofdregel van het natuurrecht was dat de mensen geen schade mochten toebrengen aan elkanders leven, gezondheid, vrijheid of eigendom.  De staat moest deze onvervreemdbare
grondrechten waarborgen in ruil voor de beperking van vrijheid.

De grondrechten die Locke in zijn Treatises noemt zijn:

  • het recht op leven
  • het recht op eigendom
  • het recht om een politieke gemeenschap te kunnen vormen
  • het recht om sociale contracten te kunnen sluiten

Hij propageerde ook het beginsel van de machtenscheiding:

  • de wetgevende -,
  • de uitvoerende – en
  • de rechterlijke macht.

In zijn Trias Politica heeft Montesquieu deze gedachte nader uitgewerkt, waarin hij duidelijk uiteenzet dat
deze drie overheidsmachten over verschillende, van elkaar onafhankelijke staatsorganen moet worden verdeeld om machtsconcentratie en machtsmisbruik te voorkomen.

Montesquieu was lid van het gerechtshof te Bordeaux en politiek theoreticus die gedurende zijn vele reizen door Europa een studie maakte van de verschillende typen van staatsinrichting, zoals de republiek, de monarchie en alleenheersers.

Hij kwam tot de conclusie dat er geen betere waarborg tegen willekeur en machtsmisbruik bestaat, dan de taken die de overheid uitoefent te scheiden en toe te delen aan drie verschillende, van elkaar onafhankelijke organen.

In 1748 schrijft hij in zijn boek: ‘De l’Esprit des Lois (Over de geest van de wetten) onder meer:

‘De politieke vrijheid van een staatsburger wordt bepaald door de gemoedsrust die voortkomt uit de overtuiging dat eenieder veilig is; en om zo’n vrijheid te hebben, moet het overheidsbestuur zo zijn ingericht dat de ene burger de ander niet hoeft te vrezen.

Als in één en dezelfde persoon, of in één en hetzelfde gezagsorgaan, de wetgevende macht is verenigd met de uitvoerende macht, bestaat er absoluut geen vrijheid, omdat men dan kan vrezen dat dezelfde monarch of dezelfde senaat tirannieke wetten zal maken om ze tiranniek uit te voeren.

Er bestaat ook geen vrijheid als de rechterlijke macht niet gescheiden is van de wetgevende macht en de uitvoerende macht. Als zij was gekoppeld aan de wetgevende macht dan zou de macht over leven en vrijheid van de burgers willekeurig zijn; want de rechter zou wetgever zijn. Als zij was gekoppeld aan de uitvoerende macht zou de rechter de macht van een onderdrukker kunnen uitoefenen.

Alles zou verloren zijn als dezelfde persoon of dezelfde groep van notabelen, hetzij afkomstig uit de adel hetzij afkomstig uit het volk, alle drie de machten zou uitoefenen: wetten maken, publieke besluiten uitvoeren en oordelen over misdrijven en geschillen tussen burgers’.

(wordt vervolgd)

Over resoundeffects

Mijn naam is Gabriele van Doorn, ik woon in Heerlen - Parkstad Z.Limburg. * mijn website is te vinden op: www.klank-kleur.nl/ * en U kunt me vinden op: http://nl.linkedin.com/in/gabrielevandoorn
Dit bericht werd geplaatst in achtergrondinformatie, Maatschappelijk en getagged met , , , , , , , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s